Op deze pagina komen de volgende onderwerpen aan bod:
E-mailberichten worden (al dan niet tijdelijk) op een daarvoor door de e-mailprovider beschikbaar gestelde mailserver opgeslagen. Voor het verzenden en ontvangen van e-mail vereist de mailserver een specifiek communicatieprotocol. Het communicatieprotocol bepaalt op welke manier met de server moet worden gecommuniceerd. In de wijze van communiceren is vastgelegd op welke manier een account kan worden beheerd: webbased (met een webbrowser via het internet) of lokaal vanuit een e-mailprogramma. De meest gangbare communicatieprotocollen zijn HTTPS (voor webbased e-mailen), POP3/SMTP en IMAP (beide voor beheer vanuit een e-mailprogramma). Ondersteunt een e-mailprovider meerdere protocollen, dan kan het e-mailaccount dus ook op verschillende manieren worden beheerd!
Het e-mailaccount vanuit een e-mailprogramma beheren
De meest gebruikte e-mailprogramma’s onder Windows zijn
Outlook Express,
Windows Mail,
Windows
Live Mail en
Outlook. Voordat een e-mailaccount
vanuit een e-mailprogramma kan worden beheerd, moet het eerst eenmalig als nieuw
account worden toegevoegd en afgesteld. De e-mailprovider heeft hiervoor
gegevens verstrekt: e-mailadres, bijbehorende inloggegevens en servers voor
inkomende en uitgaande e-mail (en eventueel de poortnummers voor een beveiligde
verbinding)..
Voor het communiceren met de mailserver wordt meestal gebruik gemaakt van het relatief eenvoudige POP3-/SMTP-protocol (POP3 voor het ontvangen en SMTP voor het verzenden van e-mail). Bij gebruik van dit protocol worden ontvangen e-mailberichten na downloaden lokaal opgeslagen waarna ze (volgens de standaard instellingen) van de POP3-server worden verwijderd. Ook van de (via de SMTP-server) verzonden berichten blijft standaard een kopie achter in het e-mailprogramma. De berichten zijn hierdoor altijd lokaal toegankelijk, ook wanneer de computer geen verbinding met het internet heeft.
Bij gebruik van het IMAP-protocol worden alleen de headers (afzender, onderwerp, verzenddatum, etc.) van de e-mailberichten gedownload, het e-mailbericht blijft na openen standaard op de mailserver staan. Omdat de e-mail op de mailserver blijft staan, maakt het dus ook niet uit op welke locatie het account wordt beheerd! Vanwege dit praktische aspect én omdat het protocol zeer efficiënt met de bandbreedte omgaat, is IMAP met name interessant voor gebruikers van mobiele apparaten zoals laptops en MDA’s. Het IMAP-protocol wordt echter (nog) niet door alle e-mailproviders ondersteund.
Het e-mailaccount webbased beheren
Voor het met een eenvoudige webbrowser als
Internet Explorer beheren van een e-mailaccount wordt gebruik gemaakt van
het HTTPS-protocol. Alle handelingen (lezen, schrijven, verzenden, ontvangen,
etc.) kunnen webbased via een beveiligde internetpagina worden uitgevoerd zodat
het account vanaf elke willekeurige internetverbinding kan worden beheerd. Om
toegang tot de webbased mailbox te verkrijgen, moet (elke keer opnieuw) via de
website van de e-mailprovider worden ingelogd. De persoonlijke webpagina (de
mailbox) die vervolgens opent, maakt gebruik van een beveiligde verbinding (een
zogenaamde HTTPS-verbinding waarbij de over en weer verzonden informatie wordt
encrypted). Hierdoor wordt het voor derden vrijwel onmogelijk gemaakt toegang
tot de vertrouwelijke informatie te krijgen.
Naast de bekende ‘webmail’-accounts (accounts die van origine webbased worden beheerd) zoals Hotmail/Live/MSN (www.hotmail.com), Gmail (www.gmail.com) en Yahoo! (http://mail.yahoo.com) kunnen ook vrijwel alle door internetproviders verstrekte e-mailadressen (die normaalgesproken gebruik maken van het POP3-/SMTP-protocol) webbased worden beheerd. Een overzicht van inlogpagina’s van de meest populaire Nederlandse en Belgische webmail-providers:
Hoewel het webbased beheren van e-mail voordelen biedt (met name wanneer het account op verschillende locaties moet kunnen worden ingezien), werkt het minder prettig dan het gebruik van een e-mailprogramma. Om deze reden bieden veel ‘webmail’-providers de mogelijkheid de e-mail tevens vanuit een e-mailprogramma te beheren. Dat kan ouderwets via HTTP, maar tegenwoordig worden POP3/SMTP en IMAP ook steeds vaker ondersteund. Zo verlenen Gmail- en Windows Live-accounts (waaronder de Hotmail-, Live- en MSN- e-mailadressen) inmiddels beide ondersteuning voor het POP3-protocol waardoor deze accounts ook vanuit elk willekeurig e-mailprogramma eenvoudig kunnen worden beheerd.
POP-instellingen voor Gmail
Voordat Gmail als POP-account vanuit
een e-mailprogramma kan worden beheerd, moet eerst de optie POP vanuit de
webmail worden geactiveerd (via het onderdeel Instellingen, tabblad
Doorsturen en POP; zie ook
http://mail.google.com/support/bin/answer.py?answer=13273). Geef bij het
afstellen van het POP-account het e-mailadres en bijbehorend wachtwoord als
inloggegevens op. De benodigde mailservers zijn pop.gmail.com (voor
inkomende e-mail) en smtp.gmail.com (voor uitgaande e-mail). Voor
toegang tot de server voor uitgaande e-mail van Gmail is verificatie vereist, deze
optie kan in het e-mailprogramma via de aanvullende
instellingen/eigenschappen van het account worden geactiveerd. De
verbindingen met de POP3- en SMTP-server moeten worden beveiligd met SSL
(voor een versleutelde verbinding). Gebruik voor POP3 poort 995 en voor SMTP
poort 465 of 587 (ook deze instellingen kunnen via de aanvullende
instellingen/eigenschappen van het account worden gewijzigd).

(voorbeeld POP-instellingen Gmail in Outlook)
POP-instellingen voor Hotmail/Live/MSN
In navolging op Gmail
kunnen de e-mailaccounts van Hotmail, Live en MSN (de zogenaamde Windows
Live-accounts) ook als POP-account vanuit een e-mailprogramma worden
beheerd. Geef bij het afstellen van het POP-account het e-mailadres en
bijbehorend wachtwoord op. De benodigde mailservers zijn pop3.live.com
(voor inkomende e-mail) en smtp.live.com (voor uitgaande e-mail). Voor
toegang tot de server voor uitgaande e-mail van Windows Live is verificatie
vereist, deze optie kan in het e-mailprogramma via de aanvullende
instellingen/eigenschappen van het account worden geactiveerd. De verbindingen
met de POP3- en SMTP-server moeten worden beveiligd met SSL (voor een
versleutelde verbinding). Gebruik voor POP3 poort 995 en voor SMTP poort 25 (ook
deze instellingen kunnen via de aanvullende instellingen/eigenschappen van het
account worden gewijzigd). Ontstaan er problemen bij het verzenden via poort 25,
probeer dan poort 587.

(voorbeeld POP-instellingen Hotmail in Windows Live Mail)
Veel e-mailprogramma’s zijn nog niet bekend met de nieuwe ontwikkelingen bij Windows Live en gaan ervan uit dat de e-mailadressen van Hotmail en MSN alleen op basis van het (niet meer ondersteunde) HTTPS-protocol kunnen worden beheerd (Live-accounts ondervinden meestal geen problemen). Zo is het in Windows Live Mail, Windows Mail en Outlook Express (nog) niet mogelijk een Hotmail- of MSN-account op de reguliere wijze als POP-account toe te voegen.
In Windows Live Mail is dit probleem eenvoudig te verhelpen door bij het aanmaken van het nieuwe account de optie Serverinstellingen voor e-mailaccount handmatig configureren te activeren. In Windows Mail en Outlook Express is deze optie niet beschikbaar, maar ook hier is het probleem eenvoudig op te lossen door eerst een niet bestaand e-mailadres op te geven (bijvoorbeeld xxx@xxx.nl). Nadat het nieuwe account is toegevoegd, kan het e-mailadres worden gecorrigeerd (via Extra, Accounts (selecteer het account), Eigenschappen, tabblad Algemeen).
Wilt u een Windows Live e-mailadres in Outlook beheren terwijl de e-mailberichten, agenda-items en contactpersonen ook op de server kunnen blijven staan? Maak dan gebruik van Microsoft Office Outlook Connector (download: http://office.microsoft.com/nl-nl/outlook/HA102218231043.aspx).
De opties voor het overzetten van de contactpersonen en het e-mailarchief (met ontvangen én verzonden e-mail) tussen Windows Live webmail en e-mailprogramma’s zijn vrij beperkt. Dat blijkt al snel wanneer de gegevens van een online beheerd Windows Live-account aan de database van een e-mailprogramma moeten worden toegevoegd, maar ook wanneer gegevens vanaf een e-mailprogramma naar Windows Live webmail moeten worden overgezet. Webmailaccounts beschikken namelijk niet over een optie om het e-mailarchief te im- of exporteren. En hoewel de standaard methode voor het overzetten van de contactpersonen middels een CSV-bestand ook door de meeste e-mailprogramma’s wordt ondersteund, is deze methode nogal bewerkelijk en foutgevoelig (omdat er geen rekening wordt gehouden met het gebruikte e-mailprogramma en de door het programma gehanteerde taal).
Gelukkig zijn er dankzij het gratis e-mailprogramma Windows Live Mail (WLM) toch mogelijkheden om dit in enkele handelingen voor elkaar te krijgen. Dit gratis e-mailprogramma behoort namelijk tot de Windows Live-groep van Microsoft en biedt zodoende als enige e-mailprogramma ondersteuning voor het Windows Live ID (een overkoepelende inlogcode waarmee toegang kan worden verkregen tot alle Windows Live-producten, -websites en -services). Door Windows Live Mail als tussenstation te gebruiken, is het zelfs mogelijk de contactpersonen en het e-mailarchief met een van de andere populaire e-mailprogramma’s uit te wisselen! Hieronder staat beschreven hoe de contactpersonen en het e-mailarchief op eenvoudige wijze met Windows Live Mail kunnen worden overgezet. Windows Live Mail (download: http://download.live.com/wlmail) wordt overigens niet standaard met Windows meegeleverd, het zal dus apart moeten worden gedownload en geïnstalleerd!
De contactpersonen overzetten
Dankzij de ondersteuning van het Windows Live ID kan het adresboek van
Windows Live Mail automatisch worden gesynchroniseerd met de online
opgeslagen contactpersonen van het webmailaccount. Het gebruik van WLM is dus
erg gemakkelijk wanneer het webmailaccount zowel webbased als lokaal wordt
beheerd! Maar ook wanneer het account vanuit een ander e-mailprogramma wordt
beheerd kan WLM nuttig zijn bij het overzetten van de contactpersonen. Voor het
overzetten van de webbased opgeslagen contactpersonen naar een willekeurig
e-mailprogramma kan de volgende procedure worden toegepast (nadat WLM is
geïnstalleerd):
Voor het overzetten van het lokaal opgeslagen adresboek (van Outlook, Outlook Express of Windows Mail) naar webmail heeft Microsoft de tool Windows Live Contact Importer ontwikkeld (te downloaden via de webmail, Opties, Meer opties, Contactpersonen importeren). Werkt deze tool niet naar behoren, dan kan eventueel gebruik worden gemaakt van onderstaande procedure:
Wordt WLM reeds als standaard e-mailprogramma voor een ander e-mailadres gebruikt, dan zal de oude lijst met contactpersonen niet meer worden getoond zolang het Windows Live ID is aangemeld. Ze zijn echter niet echt verdwenen: nadat het webmailaccount met de knop Stoppen met aanmelden weer is afgemeld, worden ze namelijk gewoon weer in het adresboek getoond. Hoewel de oude lijst met contactpersonen dus gewoon bewaard blijft, is het toch verstandig voor de zekerheid eerst een back-up te maken voordat het Windows Live ID wordt aangemeld… Veiligstellen kan door de e-mailadressen te exporteren naar visitekaartjes (via ALT-Bestand, Exporteren, Visitekaartje (.VCF), selecteer een map en sla de visitekaartjes op). Eventueel kunnen deze visitekaartjes na activeren van de Windows Live ID weer in het adresboek van het Live-account worden geïmporteerd (dankzij de automatische synchronisatie zijn ze dan ook gelijk via de webmail toegankelijk)!
Het e-mailarchief overzetten
Ook bij het overzetten van het Hotmail/Live/MSN-e-mailarchief van webmail naar
een
e-mailprogramma kan het beste gebruik worden gemaakt van het e-mailprogramma
Windows Live Mail (eventueel als tussenstap wanneer standaard een ander
e-mailprogramma wordt gebruikt). WLM biedt namelijk als een van de weinige
e-mailprogramma’s ondersteuning voor het beheren van dergelijke Windows
Live-accounts.
Voor het lokaal opslaan van het op de mailserver opgeslagen e-mailarchief kan de volgende procedure worden doorlopen:
TIP: Worden de EML-bestanden niet door het standaard gebruikte e-mailprogramma ondersteund, dan kunnen ze altijd nog via een omweg worden toegevoegd, bijvoorbeeld door een standaard e-mailprogramma als Outlook Express of Windows Mail als extra tussenstation te gebruiken.
Voor het overzetten van het lokaal opgeslagen e-mailarchief vanuit een e-mailprogramma naar een Hotmail/Live/MSN-mailbox kan de volgende procedure worden doorlopen:

(voorbeeld Hotmail-instellingen in Windows Live Mail)
Ook de opties voor het overzetten van het e-mailarchief en de contactpersonen van een online beheerd Gmail-account naar een e-mailprogramma (of vice versa) zijn beperkt, maar met enkele eenvoudige handelingen (en desnoods met nog wat hulp van de helpteksten op de Google-website) is het ook hier voor elkaar te krijgen.
De contactpersonen overzetten
Het overzetten van het adresboek kan bij Gmail alleen middels een CSV-bestand.
Dit bestand kan via de webmail (onderdeel Contactpersonen, optie
Importeren of Exporteren) met een e-mailprogramma worden uitgewisseld
(meer informatie is te vinden op
http://mail.google.com/support/bin/topic.py?topic=12867). Deze methode werkt
bij Gmail gelukkig beter dan bij een Live-account.
Het e-mailarchief overzetten
Voor het overzetten van het e-mailarchief (zowel de ontvangen als de verzonden
e-mailberichten) kan handig gebruik worden gemaakt van de mogelijkheden van het
IMAP-protocol. Activeer eerst vanuit de webmail de optie IMAP inschakelen
(via Instellingen, tabblad Doorsturen POP/IMAP). Voeg dit account
vervolgens als IMAP-account toe aan het e-mailprogramma. De benodigde mailservers zijn imap.gmail.com (voor inkomende e-mail) en
smtp.gmail.com (voor uitgaande e-mail). De verbindingen met de IMAP- en
SMTP-server moeten worden beveiligd met SSL (voor een versleutelde verbinding).
Gebruik voor IMAP poort 993 en voor SMTP poort 465. Activeer tevens de
verificatie voor uitgaande e-mail (zie ook
http://mail.google.com/support/bin/answer.py?hl=nl&ctx=mail&answer=75726).
De e-mailberichten kunnen vervolgens eenvoudig worden overgezet door ze binnen
het e-mailprogramma van of juist náár opslagmappen van het IMAP-account te
slepen. Het toegevoegde Gmail-account kan tot slot weer uit het e-mailprogramma
worden verwijderd.

(voorbeeld IMAP-instellingen Gmail in Windows Live Mail)
TIP: Wilt u mèt behoud van gegevens (e-mailarchief en contactpersonen) overstappen van een Windows Live-account naar een Gmail-account (of vice versa)? Met behulp van Windows Live Mail is dit vrij eenvoudig. Door het Gmail e-mailadres als IMAP-account toe te voegen en het Windows Live e-mailadres op de standaard wijze, kan het e-mailarchief namelijk door middel van slepen eenvoudig worden overgezet van het ene naar het andere webmailaccount. De contactpersonen kunnen vanuit Gmail naar een CSV-bestand worden geëxporteerd. Nadat het CSV-bestand in Windows Live Mail is geïmporteerd, kunnen de contactpersonen met het adresboek van het Windows Live-account worden gesynchroniseerd (of vice versa). Zo is het een fluitje van een cent om mèt behoud van gegevens van webmailprovider over te stappen!

Soms is het handig wanneer een account vanaf verschillende computers en/of locaties kan worden beheerd, bijvoorbeeld voor het inzien van privé-mail op het werk of tijdens vakantie.
Berichten op de mailserver laten staan
Moet de e-mail vanaf verschillende locaties kunnen worden beheerd, dan is het
noodzakelijk dat de e-mailberichten op de mailserver blijven staan. Webmail
heeft wat dat betreft een pré aangezien de complete mailbox bij gebruik van het
HTTPS-protocol standaard online toegankelijk blijft. Ook bij gebruik van het
IMAP-protocol blijft de mailbox standaard online opgeslagen, maar communicatie
met de mailserver kan in dat geval alleen via een e-mailprogramma plaatsvinden
en niet op elke computer is een e-mailprogramma vrij beschikbaar…
Het wordt iets lastiger wanneer het POP3-protocol (het meest gebruikte protocol voor beheer vanuit een e-mailprogramma) wordt toegepast. Bij POP worden de berichten namelijk direct van de mailserver verwijderd nadat ze met een e-mailprogramma zijn gedownload. Deze lokaal opgeslagen berichten kunnen dus niet meer vanaf andere locaties worden ingezien. Totdat de berichten zijn opgehaald, kunnen ze echter nog wel elders met webmail worden benaderd. Met een wijziging in de instellingen is het overigens mogelijk kopieën van de opgehaalde berichten (al dan niet voor bepaalde tijd) op de e-mailserver te laten staan zodat ze altijd nog vanaf een andere locatie kunnen worden ingezien (via webmail of een e-mailprogramma). Houd er dan wel rekening mee dat providers een limiet stellen aan de ruimte die e-mailaccounts op hun server mogen innemen (de maximaal toegestane opslagcapaciteit verschilt per provider).
Is de mailbox vol, dan worden alle nieuwe berichten onbestelbaar retour gezonden. Er zal eerst ruimte moeten worden vrijgemaakt voordat weer nieuwe e-mail kan worden ontvangen. Wordt de e-mail met het HTTPS- (webbased) of met het IMAP-protocol beheerd, dan zal de mailbox handmatig moeten worden opgeschoond. De mailbox van een via het POP3-protocol beheerd account zal niet zo snel vollopen omdat de berichten direct na downloaden van de server worden verwijderd. Is de optie Een kopie van berichten op de server achterlaten echter geactiveerd, geef dan ook aan dat de berichten na een bepaald aantal dagen automatisch door het e-mailprogramma van de server moeten worden verwijderd (de berichten worden pas verwijderd nadat ze daadwerkelijk zijn gedownload, er kan dus geen e-mail verloren raken!). Bij Outlook Express, Windows Mail en Windows Live Mail staat deze optie onder Extra, Accounts (selecteer het account), knop Eigenschappen, tabblad Geavanceerd. Bij Outlook kan dit worden ingesteld via Extra, E-mailaccounts, knop Volgende (selecteer het betreffende account), knop Wijzigen, knop Meer instellingen, tabblad Geavanceerd.

E-mail met SMTP versturen via een andere internetverbinding
Om bij misbruik te kunnen ingrijpen, moet een provider de verzender van een via
hun mailserver verzonden e-mail altijd kunnen identificeren. Bij geconstateerd
misbruik kan het betreffende account de toegang tot de SMTP-server worden
geblokkeerd of zelfs van internet worden afgesloten. Dit is vrij eenvoudig omdat
bij het verzenden van e-mail standaard het (door diezelfde internetprovider
uitgegeven) IP-adres wordt meegezonden waardoor achteraf altijd nog kan worden
achterhaald via welke internetaansluiting de e-mail is verzonden. Omdat de
verzender dus reeds aan het IP-adres kan worden geïdentificeerd, is het niet
meer noodzakelijk ook nog eens de inloggegevens mee te sturen bij het verzenden
van e-mail via de SMTP-server (de inloggegevens worden dan alleen gebruikt voor
het ophalen van e-mail via de POP3-server).
Identificatie via het IP-adres is echter alleen mogelijk wanneer de internetverbinding en de SMTP-server door dezelfde provider worden beheerd. Wordt van internetprovider gewisseld, de computer op een andere internetverbinding aangesloten (bijvoorbeeld op het werk of tijdens vakantie) en/of de e-mail vanaf een andere computer beheerd, dan zijn de gebruikte internetverbinding en de ingestelde SMTP-server zeer waarschijnlijk niet meer van dezelfde provider afkomstig. Omdat de verzender zo niet meer kan worden geïdentificeerd, wordt het verzenden van e-mail standaard geblokkeerd. In dergelijke gevallen biedt een van de volgende oplossingen wellicht uitkomst:
Wordt SMTP-authenticatie niet ondersteund, dan kan de tool Autoroute SMTP (download: www.mailutilities.com/ars) wellicht nog van dienst zijn. Dit programma onderschept het te verzenden bericht en stuurt het door naar de juiste SMTP-server (de SMTP-server van de internetprovider die op dat moment ook de internetverbinding verzorgt). Voor de juiste werking is het wel belangrijk dat voor de SMTP-server het adres 127.0.0.1 wordt opgegeven bij de instellingen van het account (een verwijzing naar localhost, de eigen computer).
TIP: Wordt regelmatig van netwerk gewisseld dan kunnen tools als Net Profiles en NetSetMan (zie de pagina over het aanleggen van een (draadloos) netwerk) ook goed van pas komen! Deze tools maken profielen aan voor de verschillende (al dan niet draadloze) netwerken zodat de instellingen niet steeds weer opnieuw ingevoerd hoeven te worden.
Het lijkt wellicht vanzelfsprekend dat de inloggegevens geheim moeten blijven om te voorkomen dat onbevoegden toegang tot de mailbox kunnen krijgen, maar toch gebeurt het nog maar al te vaak dat onbevoegden het wachtwoord weten te achterhalen... Een aantal tips om de inloggegevens veilig te houden:
Maak (zo mogelijk) gebruik van een
beveiligde verbinding
Menig computergebruiker heeft het e-mailprogramma de gehele dag open staan en
laat elke 5 of 10 minuten controleren of er nieuwe e-mail is, veelal meerdere
accounts tegelijk. Velen zijn er echter niet van bewust dat het e-mailwachtwoord
bij een standaard POP-account gewoon open en bloot wordt meegestuurd wanneer
wordt gecommuniceerd met de mailserver. En dat dus vaak tientallen malen per
dag! Vooral bij het downloaden van e-mail via een andere dan de eigen
internetprovider is het zaak op te passen. Het e-mailverkeer gaat dan over
meerdere (mogelijk malafide) servers.
Soms is het de oplossing gebruik te maken van een met SSL beveiligde verbinding zoals dat ook bij het IMAP-protocol wordt toegepast. De optie voor het beveiligen van de verbinding met SSL kan bij de geavanceerde e-mailinstellingen worden geactiveerd, maar wordt niet door alle e-mailproviders ondersteund. U kan erachter komen hoe dat bij uw account is geregeld door de website van de provider te bezoeken of het gewoonweg uit te proberen.
De volgende tips kunnen interessant zijn bij het versturen van e-mail:
De volgende tips hebben betrekking op het versturen van bijlagen per e-mail:

Hyperlinks in e-mail werken niet meer
Is het niet meer mogelijk een in een e-mailbericht aangeklikte hyperlink
automatisch in Internet Explorer
te openen of is er sprake van andere aanverwante onregelmatigheden? Een fout in de registratie van de
DLL-bestanden
is meestal de veroorzaker. Dit
probleem is op te lossen door Internet Explorer te resetten: kies
Extra, Internetopties, tabblad Geavanceerd,knop
Opnieuw instellen. Hierna moeten wel enkele voorkeursinstellingen opnieuw worden
doorgevoerd en de startpagina opnieuw worden ingesteld, maar doorgaans is het
probleem dan wel opgelost.
Openen van ontoegankelijke bijlagen
Sommige typen bijlagen worden volgens de standaard instellingen automatisch door
het e-mailprogramma geblokkeerd. Zo worden alle uitvoerbare bestandstypen
waarvan bekend is dat ze schadelijk voor het systeem kunnen zijn (bijvoorbeeld
EXE, COM, JS, VBS, etc.) uit veiligheidsoverwegingen
ontoegankelijk gemaakt (dat wordt dan kenbaar gemaakt door middel van een
informatiebalk bovenin het e-mailbericht). Gelukkig kan deze beveiliging
eenvoudig worden omzeild, maar bedenk wel dat deze veiligheidsmaatregel er niet
voor niets is! Gebruik onderstaande handelswijze dan ook alleen wanneer u de
afzender en/of
bijlage vertrouwt.
Vanuit Outlook Express (Windows XP), Windows Mail (Windows Vista) en Windows Live Mail kan deze beveiliging eenvoudig worden omzeild door als ontvanger van het e-mailbericht te klikken op Doorsturen waarna de bijlage opeens wèl toegankelijk wordt. Bij Outlook gaat deze vlieger niet op, hier kan de bijlage alleen met een registeringreep toegankelijk worden gemaakt. Omdat een dergelijke ingreep niet praktisch is, kan beter gebruik worden gemaakt van de gratis add-on Outlook Attachment Options (download: www.slovaktech.com/attachmentoptions.htm).

Na installatie krijgt Outlook bij het onderdeel Extra, Opties een extra tabblad met de naam Attachment Security & Options. Op dit tabblad kunnen extensies aan de veilige lijst worden toegevoegd waarna bijlagen met de betreffende extensie probleemloos kunnen worden geopend. Een geblokkeerd bestand kan het snelst worden geopend door op de knop Move All te klikken (Outlook moet vervolgens wel eerst opnieuw worden opgestart voordat de bijlage kan worden geopend). Het is verstandig daarna de oude instellingen weer te herstellen (via hetzelfde tabblad, de knop Remove All). De computer blijft zodoende goed beveiligd tegen eventuele schadelijke bijlagen.
Openen van per e-mail ontvangen bijlagen lukt niet meer
Een sporadisch voorkomend probleem is het niet meer kunnen openen van een per e-mail ontvangen bijlage (terwijl de bijbehorende software wel degelijk is geïnstalleerd).
De bestanden laten zich dan alleen openen door ze op de harde schijf op te slaan en vervolgens vanaf die locatie met het bijbehorende programma te openen.
Per geval gaat het steeds om slechts één specifiek bestandstype, bijvoorbeeld .DOC (Word-documenten), .XLS (Excel-bestanden),
.PDF (PDF-bestanden), etc. Dit probleem wordt veroorzaakt door het niet naar behoren functioneren van een specifieke bestandsassociatie (de link
die Windows legt tussen een bestand en het bijbehorende programma). Deze associaties worden per bestandstype opgeslagen in de registersleutel HKEY_CLASSES_ROOT.
De onjuiste bestandsassociatie kan met een registerwijziging weer worden hersteld. Dit kan het gemakkelijkst door gebruik te maken van de registerinstellingen van een andere computer (eentje die geen problemen met het openen van bijlagen heeft!). Dat gaat als volgt: open de registereditor en exporteer de bij de betreffende extensie behorende registerinstellingen via Bestand, Exporteren naar een registerbestand (voor bestandsbijlagen met de extensie .DOC gaat het bijvoorbeeld om de registersleutel HKCR\.DOC). Neem het aangemaakte registerbestand mee naar de probleemcomputer (bijvoorbeeld met behulp van een USB-stick) en importeer deze door op het registerbestand te dubbelklikken of door deze met de registereditor in het register te importeren (Bestand, Importeren). Voor deze procedure is het wel noodzakelijk dat het bij het bestandstype behorende programma op beide computers is geïnstalleerd.
TIP: Voor sommige bestandstypen kunnen de bestandsassociaties eventueel ook vanaf de DougKnox-website worden gedownload (deze zijn geschikt voor zowel Windows XP als Windows Vista).
Wachtwoord wordt niet opgeslagen (Windows XP)
Soms doen Outlook Express en Outlook (tot en met versie 2003) moeilijk met het opslaan van
wachtwoorden, ook al wordt de optie wachtwoord opslaan aangevinkt. Dit veelvoorkomende probleem met de Protected Storage
kan in de meeste gevallen met een registerwijziging worden opgelost. Start
hiervoor de
registereditor en navigeer naar de registersleutel:
HKCU\Software\Microsoft\Protected
Storage System Provider
Hieronder staat een registerleutel staan met een lange naam die begint met S-1-5-21. Verwijder deze, de sleutel wordt daarna vanzelf weer opnieuw aangemaakt (het is verstandig om er eerst een back-up van te maken via Bestand, Exporteren). Op de pagina over het maken van een back-up van de persoonlijke gegevens staat beschreven hoe deze eerst kunnen worden veiliggesteld.
Is het probleem hiermee niet opgelost (of is het niet mogelijk de registersleutel te verwijderen), dan is er wellicht een probleem met de machtigingen van het gebruikersaccount. Selecteer de registersleutel Protected Storage System Provider en kies Bewerken, Machtigingen, knop Geavanceerd. Achter de gebruikersnaam moet in de kolom Machtiging de waarde Volledig beheer staan en in de kolom Toepassen op de waarde Deze sleutel en subsleutels. Activeer de optie Machtigingen voor alle onderliggende objecten opnieuw instellen en doorgeven van overneembare machtigingen inschakelen, klik op OK en verwijder nogmaals de registersleutel. Meer informatie en andere mogelijke oplossingen zijn te vinden in de KB-files op de website van Microsoft (http://support.microsoft.com/kb/290684/nl).
LET OP: Bij gebruik van Outlook XP/2002 (en ouder) in combinatie met Windows Vista kan het wachtwoord niet worden opgeslagen. Voor het oplossen van dit probleem is minimaal een upgrade naar Outlook 2003 noodzakelijk.
Zie tevens de pagina's over ongewenste e-mail (SPAM) en het instellen van een spamfilter en de pagina over het automatisch versturen van e-mail met een factuur in PDF-formaat.
|
This page is also available in english: |
Home Windows XP Windows Vista Windows 7 Beveiliging Software Netwerk/internet Herinstallatie Systeembeheer WWW